We dachten dat we vertrouwen getankt hadden na onze eerste competitie-overwinning vorige week. Maar we kwamen bedrogen uit. C2 verloor volslagen kansloos van de koploper Eemnes C1. En natuurlijk, het geeft te denken dat je in onze klasse tegen een ploeg speelt die met 14-0, 9-0, 3-0 en 2-6 tot nu toe al zijn wedstrijden heeft gewonnen. Ze waren een kop groter en gemiddeld 8 kilo spiermassa sterker.
Maar feit blijft ook dat er te snel een aantal spelers door het ijs zakt als het moeilijk wordt, geen vechtlust kan opbrengen en te snel berust in een nederlaag. Daardoor wordt het voor de jongens, die in het begin wel gas blijven geven, ook steeds moeilijker om overeind te blijven. En dan zie je langzaam de één na de ander afhaken.
Een wedstrijdverslag is niet het geschikte middel om allerlei namen te noemen (dat doen we dus ook niet), maar daar moeten coach Cor en spelers het nog maar eens over hebben. Met elkaar, want ook de coach heeft dik verloren en is onderdeel van het team.
Geen één corner gehad, één aanval die je geslaagd kan noemen, het is natuurlijk allemaal ver onder maat. Zonder keeper Daan misten we een stukje rust in de opbouw van achteruit. Geen verwijten aan Jonathan Bos, die Daan kwam vervangen en dat werd geen leuke wedstrijd voor hem. Vervelend als je als keeper herhaaldelijk spelers alleen voor je ziet verschijnen. Toch bedankt Jonathan, dat je ons wilde helpen.
Na de rust, die we met een 5-0 achterstand in gingen, was het over en sluiten voor de C2, die nu toch al de tweede forse nederlaag van het seizoen leed (na de 9-1 bij Nieuwland). Kennelijk wordt het moeilijk karakter op te blijven brengen als de wedstrijd zwaar en pittig is (want dat is ‘ie natuurlijk wel tegen zulke tegenstanders). Maar de patronen zijn zichtbaar:
- We staan bijna elke wedstrijd al binnen 2 of 3 minuten op achterstand.
- We geven te snel op.
- We blijven dezelfde dingen proberen die daarvoor al vijf keer fout zijn gegaan en zijn niet in staat om andere oplossingen te bedenken.
Zoals een moeder na afloop van de wedstrijd al zei: “Bij het hockey van mijn dochters zie ik meer beleving dan hier”. Dat geeft te denken. Voor spelers en voor de coach. We moeten maar eens een goed gesprek hebben met elkaar.






